Nederlandse militairen in Duitse krijgsgevangenschap 1940-1945

Reisroute naar Oflag XIII B Neurenberg-Langwasser

Er wordt regelmatig gevraagd welke route de krijgsgevangen officieren, cadetten en adelborsten hebben gevolgd naar hun diverse krijgsgevangenkampen. In het dagboek van M.P. van Hoof, KGF 31549 staat dit zeer gedetailleerd beschreven.

Mies van Hoof heeft zich gemeld in Roermond en is van hier uit vertrokken. Hij vermeldt in zijn dagboek:

Te 19.00 uur ingeladen en ongeveer 20.00 uur vertrek. Bij Vlodrop de grens gepasseerd, vandaar over Dalheim, Münchengladbach naar Keulen-Gramberg. In den nacht van 15 op 16/5 de Rijn gepasseerd. Verder de reis vervolgd via Köningswinter – Honnef – Linz – Ehrenbreitstein – Nieder- en Ober – Lahnstein – Braubach – St Goar – Assmannshausen – Rüdesheim (am Main) – Schwalbach – Wiesbaden – Süd – Mainz – Kastel – Bischofsheim – Darmstad Ost – Asschaffenburg – (Spessard) – Würzburg – (Jansen administrateur per ongeluk door schot uit karabijn in dij getroffen) – Fürth – Nürnberg – Nürnberg Marzfeld.

Aldaar aangekomen in den nacht van 17/5 te 02.00 uur. Op het emplacement gestaan tot zondag 17/5 ongeveer 06.30 uur. Om 07.00 uur aangekomen in het tentenkamp te Langwasser (Oflag XIII B).

In het dagboek van M. Kokje KGF 30105 staat de reis van Assen naar Neurenberg beschreven. Deze route is als volgt:

Om 20.00 uur met bussen onder grote publieke belangstelling naar het station van Assen. Snel over Groningen en Nieuwe Schans naar Duitschland. Rijden tegen de avond Duitschland binnen en stoppen op het station van Leer, waar we in de trein de nacht doorbrengen. Te 03.00 uur (16/5) vertrek via Papenburg – Assersdorf – Kleise – Lathen – Meppen – Salzburg naar Rheine. Vandaar verder via Greven – Münster – Rinkenrode – Hamm – Schwerte a/d Ruhr – Halden – Werdahl – Plattenberg – Altenhunden – Waldenau – Riedersdorf – Hagen naar Dillenburg. Daarna verder naar Aslar – Wetzlar – Butzbach – Bad Neuheim – Friedberg – Asschaffenburg – Würzburg – Fürth naar Nürnberg.

Onderweg wordt de trein van het detachement Assen gekoppeld met de trein van het detachement Bussum. Bij aankomst in Nürnberg-Langwasser zijn de collega’s van de detachementen Breda en Roermond al aanwezig in het kamp.

In het dagboek van een officier die zich meldde in Breda staat de reis als volgt: 

Om 18.00 uur moest buiten worden aangetreden voor den afmars naar het station. De bewaking was tot in alle finesses voorbereid en alle zijstraten waren afgesloten. Het instappen ging vlot en om 20.00 zette de trein zich in beweging? Waarheen?

Tilburg – Boxtel – Gennep – Goch. Op 16/5 om 01.00 gaat het verder naar Düsseldorf – Keulen – Mainz – Aschaffenburg – Würzburg – Neurenberg. Zaterdag 16/5 om ongeveer 23.00 uur bereiken wij onze bestemming halte Neurenberg-Langwasser. Het is geen station maar een groot perron. In de duisternis marcheren we naar het kamp, waar we in een tentenkamp de nacht doorbrengen, omdat de legering nog niet klaar is.

In een duits tijdschrift voor Marinepersoneel beschrijft luitenant Sepp Werner de reis van 500 Nederlandse officieren van Ede naar Neurenberg-Langwasser.

Dit artikel is vol propaganda en het lijkt zelfs, alsof de Nederlanders blij zijn in krijgsgevangenschap te worden gevoerd! Uiteraard is de werkelijkheid anders! Ze komen in de loop van de nacht in de buurt van Keulen. Daar blijven ze tot de morgen van de 16e mei. Na verzorging met brood, worst en koffie gaat de reis verder via het prachtige Rheintal. Tegen de middag komen ze aan in Wiesbaden. In Aschaffenburg krijgen de gevangenen de kans hun benen te strekken. Hier staat ook een trein gereed met Duitsers voor het Afrikakorps en een van de bewakers ziet zijn broer en mag gedurende een half uur afscheid van hem nemen. Tegen het vallen van de avond bereiken ze Würzburg en gaan verder richting Neurenberg. Op de 17e om 01.00 uur komen ze aan op Neurenberg-Marzfeld. Ze blijven gedurende de nacht op dit perron. Bij het aanbreken van de dag marcheren de mannen naar het kamp. Volgens Luitenant Sepp Werner heeft een stafofficier tegen een Nederlandse generaal gezegd: “Es waren doch feine Jungs”. Ook zou een officier in het uniform van de Marechaussee de bewakers namens sommige van zijn collega’s hebben bedankt voor de goede en correcte behandeling gedurende de reis. Of dit juist is, we zullen het nooit weten.