Krijgsgevangen

Nederlandse militairen in Duitse krijgsgevangenschap 1940-1945

KGF 31063 G.A.G. Kuys

Tweede Luitenant der Genie (KNIL) Gerardus Albert George Kuys

 Kuys004

Geboren op 30 november 1918 te Singaradja (NOI).

Hij is de zoon van Gerardus Johannes Kuys en Georgette Sophia Pauline Emor die op 2 juni 1914 te Singaradja (NOI) getrouwd zijn.

In 1936 is hij geslaagd voor het eindexamen HBS-B aan de Tweede Gemeentelijke HBS te Den Haag. Na zijn diploma HBS-B gaat hij naar de KMA voor zijn opleiding tot officier der Genie voor het Koninklijk Nederlands Indisch Leger. Vanaf 1936 tot 1939 volgde hij de opleiding tot officier der Genie voor het Koninklijk Nederlands Indisch Leger aan de KMA te Breda en werd in 1939 benoemd tot Tweede Luitenant.

Beediging 10-08-1939

10-08-1939 Beëdiging bij de Koloniale Reserve in Nijmegen

verlofpas koloniale reserve

Vanaf 1 maart 1940 krijgt Albert tot nader oproeping verlof.

kranteartikel bootreis

In een krantenbericht wordt vermeldt dat hij ± 10 april met de Sibajak uit Genua zal vertrekken.

pakken voor Indie

Pakken voor het vertrek naar Indië dat niet doorging.

De eerste poging om naar Indië te gaan mislukte vanwege het uitbreken van de Tweede wereldoorlog.  In 1940 werkt hij bij het departement van Defensie en volgt een opleiding aan de School voor de Opbouwdienst in Breda/Oosterhout.

pas opbouwdienst

Bewijs van Toegang Departement van Defensie van Albert Kuys

Na zijn tewerkstelling bij Departement van Defensie gaat Albert naar de School voor de Opbouwdienst. Daar volgt hij cursussen. Dat de oorlog in volle gang is, bewijzen de volgende documenten:

brief vaillant

Albert wordt door Generaal Majoor F.A. Vaillant (later ook krijgsgevangene met nr Kgf 30457) voor besprekingen naar Delft, Rotterdam, Papendrecht en Schoonhoven gestuurd. De order is in het Duits opgesteld.

dienstauto

Een dienstauto wordt ter beschikking gesteld

brief keppel hesselink 1

Order van de Luitenant Kolonel Keppel Hesselink (later ook krijgsgevangene Kgf 31675 en overleden in Stanislau 29-9-1942)

brief keppel hesselink 2

Er mocht niet naar verboden zenders worden geluisterd!

Ook het lied “Wir fahren gegen Engeland” mocht niet worden gezongen of gespeeld, ook niet met andere woorden. In februari verschijnt de eerste oproep om zich te melden. Hier werd gecontroleerd wie in 1940 de erewoordverklaring had gegeven. Uiteraard kwamen de officieren niet, die in het verzet zaten of op een andere manier zich niet hadden gehouden aan de verklaring.

melding 1941

Op 5 maart 1941 wordt door Klas-D een bezoek gebracht aan de tunnelwerken te Rotterdam.

foto bezoek rotterdam 1

Maastunnel, ingang W-oever                                        ingang N-oever

foto bezoek rotterdam 2

Overtocht per pont naar Katendrecht                       Heerlijk eten na het bezoek aan de tunnel

bezoek rotterdam chinees

Zelfs de rekening van de Chinees is 74 jaar bewaard gebleven

Op 15 mei 1942 werd hij, zoals zovelen, als krijgsgevangene afgevoerd naar Duitsland. De gegevens hiervan worden door Johan van Hoppe verwerkt tot een dagboek, dat na goedkeuring door mij en mijn zus te raadplegen is via het menu Publicaties van deze website. Daarom wordt hier nu niet verder ingegaan op de specifieke krijgsgevangentijd van mijn vader.

Na de oorlog is hij, via Engeland, toch in Indië aangekomen. Daar is hij van 1946 tot 1953 werkzaam geweest. In 1946 is Albert bevorderd tot Eerste Luitenant. Op 27 mei 1948 is hij in Bandoeng getrouwd met Frederika Wilhelmina Ellwanger. In 1950 is Albert overgegaan naar de Koninklijke Landmacht, Nederlandse Militaire Missie, sectie Genie te Djakarta. Op 1 november 1951 werd zijn eerste dochter, Marijke, geboren.

Na de Indië-tijd verhuisden wij naar Nederland. Eerst zaten we in pension in Bilthoven, daarna in Apeldoorn. Van 1953 tot 1959 werkte hij bij de Staf van het 1e Legerkorps, sectie Genie. In Apeldoorn kreeg onze familie in 1955 de eerste eigen woning. Hier is mijn zusje, Marjolein, op 25 maart 1957 geboren.  Ook werd Albert in 1955 bevorderd tot Majoor.

Van 1959 tot 1962 woonden  we in Duitsland, in het NATO Hoofdkwartier “Noordelijke Legergroep”, te Rheindahlen. Hier werd Albert in 1960 bevorderd tot Luitenant Kolonel.

Vanuit Duitsland werd Albert in 1962 overgeplaatst naar Den Haag. Hij kwam bij de Inspectie der Genie, hoofd sectie operatiën en opleidingen.  In 1965 werd Albert plaatsvervangend hoofd van de afdeling materieelzaken. Ook werd hij in dat jaar bevorderd tot Kolonel.

Van 1967 tot 1969 was hij hoofd van de afdeling materieelzaken.

In 1969 ontving hij een koninklijke onderscheiding en werd benoemd tot Officier in de Orde van Oranje-Nassau.

Op 30 juni 1969 verleent de Koningin eervol ontslag uit militaire dienst aan Albert.

Van 1971 tot 1976 is Albert nog referendaris bij de Staf voor de Civiele Verdediging geweest.

Op 13 april 1987 is Albert in Eindhoven overleden. Zijn vrouw, Fried, overleed op 2 februari 2012.

Naar aanleiding van het overlijden van Fried  Kuys-Ellwanger en het daarna leegruimen van haar woning, zijn we al deze documentatie tegengekomen.

Marijke Kuys