Krijgsgevangen

Nederlandse militairen in Duitse krijgsgevangenschap 1940-1945

Krijgsgevangenkampen

In dit menu treft u krijgsgevangenkampen aan, waarin Nederlandse militairen gevangen hebben gezeten. De militairen zijn in de periode 1940-1943 in 4 groepen in krijgsgevangenschap gevoerd.

Groep van 1940.

Dit betrof officieren, cadetten en 1 stoker 2e klasse die op 14 juli 1940 weigerden de erewoordverklaring te tekenen en die daarom meteen in krijgsgevangenschap werden gevoerd. Voor de volledigheid wil ik hier ook de korporaal van der Pol (KGF 107) vermelden, die als persoonlijke chauffeur generaal Winkelman volgde in krijgsgevangenschap. Dit deed hij, nadat op 2 juli 1940 generaal Winkelman was opgepakt en afgevoerd was in krijgsgevangenschap naar Oflag IV B/H Königstein (zie speciale artikel). Ook de beide broers generaal van Voorst tot Voorst waren opgepakt en in krijgsgevangenschap gevoerd. De groep van 69 weigeraars en enkele anderen zat in de kampen Oflag VI A Soest, Oflag VIII C Juliusburg, Oflag IV C Colditz, Stalag 371 Stanislau en Oflag 67 Neubrandenburg.

Groep van 1942

Dit betrof officieren, cadetten en adelborsten die bij de 2e jaarlijkse controle op 15 mei 1942 krijgsgevangen zijn gemaakt. Op een 5 tal kazernes dienden de mannen zich te melden en men dacht daarna weer huiswaarts te kunnen gaan. Zo was het in 1941 ook gegaan bij de 1e controle. Deze groep van 2061 man zat in de kampen Oflag XIII B Neurenberg-Langwasser, Stalag 371 Stanislau en Oflag 67 Neubrandenburg. Een kleine 300 man worden in juni 1944 overgeplaatst van Oflag 67 Neubrandenburg naar Ilag / Oflag VII D Tittmoning.

Groep van 1943

In 1943 worden d.m.v. advertenties in de kranten de overige militairen opgeroepen om zich te melden. Dit betreft de beroepsonderofficieren, de reserve-officieren en de dienstplichtigen. De reserve-officieren en cadetten die voorbestemd waren om beroeps te worden en die zich niet hebben gemeld in mei 1942, worden opgeroepen zich op 1 maart 1943 te melden in Utrecht. Zij gaan naar Stalag 371 Stanislau. De andere reserve-officieren gaan via Oflag XXI C/H Schildberg en Oflag XXI C/Z Grüne bei Lissa naar Oflag 67 Neubrandenburg, waar ze in febr 1945 aankomen en de officieren uit 1940 en 1942 aantreffen. De overige militairen worden in mei en juni 1943 opgeroepen zich te melden in Amersfoort. Na registratie worden zij afgevoerd naar diverse kampen in Duitsland. De meesten gaan via Stalag XI A Altengrabow naar Stalag IV B Mühlberg.

De Studenten-krijgsgevangenen 1943

Deze groep wordt vaak vergeten en ik wil ze toch als een aparte groep benoemen. Nadat de Duitsers verlangen dat studenten een loyaliteitsverklaring tekenen, weigert een aantal dit. Ze hebben geen mogelijkheid tot onderduiken (of willen dit niet) en melden zich in mei 1943 in Ommen. Omdat ze vaak dienstplichtig zijn geweest, beroepen ze zich op hun militaire rang en verkiezen krijgsgevangenschap boven de arbeidsinzet. De Duitsers weten niet goed raad met deze groep met als gevolg, dat velen van kamp naar kamp gesleept worden.

Overzicht Wehrkreise