Krijgsgevangen

Nederlandse militairen in Duitse krijgsgevangenschap 1940-1945

KGF 7591 J.D.L. Schils

tekening Schils

Jérôme Denis Louis Schils 1907 – 1976

zoektocht naar de voetsporen van mijn vader in 1994 en 1995 door Carina Schils

Het onder ogen komen van de trouwfoto van tante Jeanne stelde mij plots voor een aantal vragen. En was tevens de directe aanleiding om meer te weten te komen over mijn vader , Reserve Eerste-Luitenant Jérôme Schils, in de oorlog. Specifiek de periode 1943-1945, zijn krijgsgevangenschap in Polen en Duitsland. De bruiloft van mijn tante op 6 juni 1945 was ook de dag van de onverwachte terugkeer van mijn vader uit krijgsgevangenschap. De trouwfoto toont het bruidspaar met de hele familie. Boven aan de rechterzijde van de foto, een beetje terzijde, mijn vader.

trouwdag 060645

Ik vroeg mij af: wiens dag was het nu eigenlijk?

De feestelijke dag van het bruidspaar of van mijn vader?

Na de oorlog is thuis nooit gesproken over die periode. Niet hoe het hem is vergaan in krijgsgevangenschap. Niet hoe hij het beleefd heeft noch wat hij heeft meegemaakt. Ik was toen nog te klein om er naar te vragen….

Na de val van de muur besloot ik zijn sporen van toen te zoeken in het Polen van nu. Veel van mijn informatie heb ik uit archieven van de Sectie Militaire Geschiedenis van de Koninklijke Landmacht (nu NIMH, Nederlands Instituut voor Militaire Historie), NIOD en Rode Kruis. Om te weten hoe het er dagelijks in het kamp toeging kon ik gebruik maken van het dagboek van Max Lahm, vader van mijn vriendin Ans de Vries. Hij beschrijft summier van dag tot dag hoe de dagen werden ingevuld, over postpakketten, over toneelvoorstellingen, koor, feestelijke aankleding en versiering van de toneelzaal, over de vertrouwensmannen en de Duits bewaking. De toestand van de barakken, het eten, de omgeving, het weer. En boeken zoals ‘De zak met vlooien’ van G. van Amstel en ‘Officieren achter prikkeldraad’ van L. de Hartog hebben mij ook een blik laten werpen in andere krijgsgevangenkampen. Om de voetsporen te zoeken hebben mijn echtgenoot en ik in 1994 en in 1995 de plaatsten opgezocht waar hij in kampen heeft gezeten. De zesdaagse voettocht die mijn vader begin 1945 maakte in verband met het oprukken van de Russen, hebben wij van plaats tot plaats gevolgd. Wij hebben door middel van foto’s van dorpjes, huizen, gebouwen, fabrieken, scholen en kerken die er toen al stonden een indruk willen geven van wat zij op hun barre tocht ook hebben gezien. Wij hebben dat deel van Polen willen visualiseren.

De tekst, tekeningen en foto’s zijn afwisselend uit de periode 1943-1945 en uit 1994 en 1995.

In april 1943 wordt er in alle kranten een oproep geplaatst voor militairen (beroeps, reserve en dienstplichtig) om zich te melden voor krijgsgevangenschap. Het doel is om zoveel mogelijk arbeidskrachten naar Duitsland te krijgen. Voor Jérôme is de onderstaande advertentie van belang:

krant430615

Omdat onderduiken voor een gezin van 6 geen optie is, besluit hij zich te melden. Voordat hij naar de Zonnebloemstraat in Amersfoort gaat, wordt er nog snel een familiefoto gemaakt van het gezin, dat naast zijn echtgenote uit 5 kinderen bestaat.

familiefoto Schils

Na registratie in Amersfoort volgt het transport naar het krijgsgevangenkamp. Met 30 man in een wagon, wat stro op de grond, een emmer als toilet en gewapende soldaten als wacht. Op diverse treinemplacementen wordt in de nacht gestopt. De mannen krijgen weinig eten en drinken mee. Er worden verschillende briefjes uit de trein gegooid met een laatste groet.

Het eerste kamp van Jérôme Schils wordt I = Oflag XXI C/H Schildberg (nu: Ostrzeszów in Polen).

station Schildberg

schilderbg overlay

Kampen in Duitsland Schils

Later volgt overplaatsing naar II = Oflag XXI C/Z Grüne bei Lissa.

Hier wordt zoals bij alle krijgsgevangenen een Personeelskaart aangelegd, die de gevangene zal volgen gedurende zijn gehele krijgsgevangentijd. Bij de bevrijding in april 1945 verlaten de Duitsers het kamp waar Jérôme dan zit (III = Oflag 67 Neubrandenburg) en kunnen de gevangenen hun kaart als aandenken meenemen. Vandaar dat vele kaarten nog in familiebezit zijn.

Personalkarte Schils

In Schildberg gaan ze eerst naar het Klöster een soort ‘ontluizingscentrum’. Vandaar gaan ze naar het Seminar. Daar zitten krijgsgevangenen uit allerlei landen, Noren, Italianen, Engelsen, Russen, Polen en 380 Nederlanders. Over dit verblijf wordt weinig gemeld. Wel blijkt, dat ze het daar heel  slecht hebben gehad. Elke ochtend om 9 uur appèl, om 12.30 en om 17 uur. Er komen 25  Russen om het gebouw schoon te houden. Binnen de kortste keren hebben velen buikloop. De latrines zijn heel onhygiënisch. Ze  krijgen per dag niet genoeg te eten. Het warm eten bestaat uit aardappelen met kool en geen vlees. Er wordt veel gebridged. Er is veel ongenoegen over kapitein Pleysier. Er wordt een vertrouwenscommissie ingesteld bestaande uit 4 personen, waaronder Piet Lieftinck (later minister van Financiën). Er is ook een voedselcommissie en altijd ruzie over het eten. Op 9 juli verhuizen de Nederlandse officieren naar een ander gebouw, het Gymnasium.

seminar

Het Seminar

Dia13Wasbakken toen en nu

Dia11

Het Gymnasium

Per kamer worden er 24 man gelegerd, 12 stapelbedden van 2 hoog. Ook is er een ruimte ingericht om te lezen en te studeren.

Kamer Schildberg

leeszaal

Er zijn meerdere brieven bekend waarin gevraagd wordt om een piano of harmonium aan te schaffen. Het is ook bekend dat er door de krijgsgevangen officieren geld is ingezameld om een piano te kopen. Een piano stond in 1943 in de toneel/muziekzaal op de bovenste verdieping van het Gymnasium. Bij ons bezoek in 1994 aan dit gebouw, stond er deze piano. Dezelfde nog?

piano

Door de gevangenen wordt er correspondentie gevoerd over het verkrijgen van studie- en leesboeken. Ook vraagt men om gedroogde groenten, bonen etc. Aangezien er schaarste is aan diverse middelen, kan aan deze verzoeken niet altijd worden voldaan.

Op 7 december 1943 verhuizen 380 Nederlandse officieren per trein van Schildberg naar Grüne bei Lissa (Oflag XXI C/Z). Grüne heet nu Grunowo en is een wijk van de stad Leszno (Polen).

12

Foto’s uit 1994

Tekening Grune bei Lissa

Foto barak 2a Grune bei Lissa

Barak 2B in Oflag XXI C/Z Grüne bei Lissa. Max Lahm, staat op deze foto.

Max Lahm heeft in Nederland een bloemsalon “Mimosa”, gerund door zijn echtgenote. Vanuit Grüne worden er bestellingen gedaan die bij aflevering vergezeld gaan van onderstaande kaartjes:

54

In de zomer van 1944 wordt er een nieuwe gezinsfoto gemaakt en opgestuurd naar Jérôme. Uiteraard op de achterkant voorzien van het Prüfungsstempel.

familiefoto2 Schils

Briefkaart Grune bei Lissa

Briefkaart aan De heer Heirbaut, voorzitter van de voetbalclub in Roosendaal.

Kalorien per week Grune bei Lissa

Het rantsoen voor een hele week. Getekend door Luitenant-kolonel Mr F.J.J. Trapman KGF 98708, de kampoudste van de Nederlandse officieren.

De verhuizing op 7 december 1943 gaat met veel onenigheid gepaard. Bij het inpakken van vooral de levensmiddelen breekt er ruzie uit. Bij het vertrek worden alle koffers zorgvuldig nagekeken. Alle papieren worden doorgebladerd door de Duitsers. Er gaan verhalen rond van doorgestoken conservenblikken, opengesneden pakken havermout. De rijksspullen zoals dekens moeten worden ingeleverd. Achtergelaten werd de overleden en begraven Bert Holthuis. Om 07.00 uur instappen in een ijskoude trein. Halverwege de reis brengt het Rode Kruis koffie. Er worden vele stations gepasseerd. Om 17.00 uur komen ze aan aankomen bij een barakkenkamp, Oflag XXI C/Z Grüne bei Lissa, gelegen in een dikke mist. Eerst wordt er geteld en weer geteld. Veel kou, veel gesnauw, eindelijk naar binnen in de toegewezen barak. Voor Jérôme Schils: barak 4A. Er is niet voor eten gezorgd. Zelf koken van en met de meegenomen spullen. Na verloop van tijd wordt er een barak ingericht als kerkruimte voor de H.Mis. Er komt een studiezaal en een recreatiezaal annex toneel/muziekzaal.

Van de pakketten die men ontvangt, stuurt men een kaartje als bewijs van ontvangst terug naar huis. Bijgevoegd een kaartje van de Max Lahm aan zijn echtgenote in Zeist.

Pakketontvangstbewijs Grune bei Lissa

Op vrijdag 19 januari 1945 ontvangen de mannen het bericht, dat men de volgende dag overgeplaatst zal worden. Men moet te voet marcheren tot achter de Oder, waarschijnlijk 2 dagen lopen…… Het grootste deel van de bagage en de bibliotheek moet worden achtergelaten. De hele dag wordt gebruikt met het pakken en het bakken van veel pannekoeken. Op het menu van die dag staat erwtensoep. Spullen die men niet kan dragen worden in koffers gedaan, voorzien van adres. Deze zullen worden nagestuurd. Niemand gelooft er echt in, dat men deze spullen in het nieuwe kamp weer zal zien.

De barre voettocht van Grüne bei Lissa naar Sagan

Zaterdag 20 januari 1945

Op zaterdag 20 januari 1945 om 03.00 uur begint de tocht, onder commando van de majoor Kunzel. Er ligt hoog sneeuw en het is -18. In het duister beginnen de mannen aan de tocht en van lieverlee worden de meegenomen krukjes en koffers weggesmeten. Op zaterdag komt men tot Lasznitz. Deze plaats is geheel door de Duitsers verlaten. Hier roept de Duitse Hauptmann dat men zelf maar voor legering moet zorgen en dat de volgende morgen om 07.00 reveille is en om 08.00 afmars. Alle schuren die men ziet worden geplunderd en sommigen ruilen sigaretten voor een slee of een kar, zodat men de spullen beter kan vervoeren.

6

7

Lasnitz

Zondag 21 januari 1945

De volgende dag gaat het verder en ziet men een lange colonne met allerlei wagens, karren, sledes van Warthelanders, die vluchten voor de oprukkende Russen. Om 14.00 komt men aan in Frauenstadt, waar de mannen worden ingekwartierd in de hervormde kerk, de school en het Bürgerhaus. Men heeft uit Grüne bei Lissa een brood en een leverwordt als marsverpleging meegekregen. Uit de kampvoorraad hebben sommigen ook een blik corned beef, een Engels blik vlees, bonen en sigaretten meegenomen. Men slaapt o.a. in de kerk op stro waar het ondanks de brandende kachel toch heel koud is.

8

Frauenstadt

Maandag 22 januari 1945

Uit de keukenwagen krijgen de mannen pap. De karren worden weer opgeladen. Om 08.00 afmars en onderweg krijgt men koffie. Om 17.00 komen ze aan in een arbeidserskamp te Deutscheck (Slawa), dat goed verwarmd is en veel stro heeft. ’s Avonds krijgen ze nog pap. Er zijn ongeveer 1 miljoen Duitsers uit Wartheland en omgeving op de vlucht voor de Russen. het vriest 20 graden en enkele kinderen van geëvacueerden die buiten moesten slapen, zijn doodgevroren. Iedere plaats die men doorkomt, is door de Duitsers verlaten. De chaos op de wegen wordt met de dag erger.

9

Deutscheck

10

Slawa

Dinsdag 23 januari 1945

Afmars om 08.00 nadat men pap uit de keukenwagen heeft gekregen. Om 17.00 arriveren ze in Hammer, een nederzetting in de bossen. Men wordt met honderden op een zolder ondergebracht en kunnen praktisch niet slapen, omdat men alleen kan zitten.

Woensdag 24 januari 1945

Uit de keukenwagen wordt erwtensoep verstrekt en om 08.30 appèl. Er ontbreken 8 officieren, 3 oppassers en een man van de wacht. Men gaat door een mooie streek met veel bossen en heuvels. Ze komen door het plaatsje Carolath met een middeleeuws kasteel. Om 17.00 komen ze aan in het arbeiderskamp Carolath. De Duitse wacht is te moe om te eten, zodat de porties groot uitvallen.

Donderdag 25 januari 1945

Voor de afmars nog een portie soep. Tegen 12.00 passeren ze de Oder (4 dagen langer dan gedacht) bij Neusalz. Van de zo groots aangekondigde Oderlinie is niets te zien. Een stuk afweergeschut en wat Volkssturm met pantservuisten. ’s Avonds worden ze ingekwartierd in Nieder-Siegerdorf, een gehucht van Freistadt, in een droogschuur met de nodige gaten in het dak. Op de binnenplaats worden grote vuren aangelegd en de meesten brengen de nacht door bij het vuur, gehuld in dekens. Is het hout op, dan is er altijd wel een Duitse kar te vinden om het vuur aan te houden.

11

Freistadt

Vrijdag 26 januari 1945

Uit de keukenwagen erwtensoep en daarna afmars. In de stad veroorzaakt de groep een grote verkeersopstopping, tot grote woede van de Ortskommandant, Hauptmann Haase. Hij is er waarschijnlijk nog niet achter, dat hij een dag later de Russen kan verwachten. In Herwisdorf even rusten met koffie. Daarna verder en begint het ook te sneeuwen. Om 19.30 arriveren ze doodmoe in een groot gevangenenkamp bij Sagan.

12

Plattegrond Sagan en stationsgebouw

Zaterdag 27 januari 1945

Rustdag. Havermout pap. 30 zieken zullen moeten achterblijven als er geen treinverkeer is. men ontvangt weer een brood met een blik vlees. Van de Engelsen uit het kamp krijgen ze wc-papier. Ze krijgen bericht, dat ze de volgende morgen om 07.30 moeten vertrekken, zonder de wagens. De 2000 Engelsen in het kamp moeten zich marsvaardig houden.

Zondag 28 januari 1945

Om 06.00 komt het bericht, dat de Engelsen vertrokken zijn en dat de Nederlanders voorlopig kunnen blijven. Om 11.30 heilige mis. Om 18.00 erwtensoep met kluif.

Maandag 29 januari 1945

Appèl. Bonensoep met vlees. Er arriveren 3000 Russische krijgsgevangenen.

Dinsdag 30 januari 1945

17 zieken zijn overgebracht naar het lazaret van Sagan.

Woensdag 31 januari 1945

Rustdag.

Donderdag 1 februari 1945

Erwtensoep. Om 03.00 vertrek door een sneeuwpoel met de karren naar het station. Ze worden ingeladen in beestenwagons. Om 04.00 vertrek. Sagan is een mooi oud stadje met een laat-middeleeuws kasteel. De straten worden gereinigd door vrouwelijke gevangenen en er is veel militaire politie op de been, die bij bruggen streng controleren.

Vrijdag 2 februari 1945

Om 03.30 gearriveerd te Cottbus en vandaar uit vertrokken om 07.30 naar Falkenberg, waar de trein blijft staan.

Zaterdag 3 februari 1945

De mannen ontvangen soep en de trein stoomt verder naar Neubuchsdorf en hier blijft men in de wagons overnachten.

Zondag 4 februari 1945

14

15

In de morgen worden ze uitgeladen en met de hele bagage sjouwen de mannen naar het kamp Mühlberg. Dit kamp, Stalag IV B, is een van de grootste krijgsgevangenkampen in Duitsland. Hier zitten veel Nederlandse krijgsgevangenen, vooral onderofficieren en minderen.

StalagIVb072

Foto van Nederlanders in Stalag IV B Mühlberg a/d Elbe

Met 500 man verblijven ze in het z.g. voorkamp, met als enige wasgelegenheid een klein pompje op een miniatuur pleintje. In het kamp zelf, zitten ongeveer 30.000 man opeengepakt van allerlei nationaliteiten. Hoe lang moeten we in deze zwijnerij blijven…?

Woensdag 14 februari 1945

Op woensdag 14 februari vertrekken de mannen weer per trein naar Neubrandenburg. Via Berlijn en Neu-Strelitz komen ze op zaterdagmorgen 17 februari 1945 om 03.00 uur aan in Neubrandenburg. Dit kamp, Oflag 67 Neubrandenburg, zal voor Jérôme Schils en alle anderen het laatste kamp zijn, waarin ze verblijven tot aan de bevrijding door de Russen op 28 april 1945 te 23.58 uur.

Blom30424_BRK_280545

Briefkaart van 28-05-1945 van Adelborst Blom: “Verveel me stierlijk. Duurt allemaal zo lang”

Hoewel het kamp op 28 april 1945 bevrijd wordt door de Russen, verblijven de meesten nog in het kamp tot eind mei, begin juni. Ze maken veel mee, zien vreselijke dingen in de omgeving van het kamp – men mag vrij wandelen – maar tegelijkertijd stelen de Russen de laatste bezittingen die ze hebben. Vooral polshorloges zijn erg in trek. Van een wekker hebben ze nog nooit gehoord en als die afgaat, dan wordt daar op geschoten. Het is allemaal heel dubbel: de Russen pakken horloges af maar schenken die ook weer. Ze bieden een feestmaal aan maar daarna worden mensen weer opgesloten in de kelder.

16

Het transport naar Nederland verloopt niet echt georganiseerd. Eerst gaat men naar de demarkatielijn tussen het deel van Duitsland dat in Russische handen is en het deel dat in Engelse handen is. Vandaar gaat het verder per trein naar Rheine en Oldenzaal. De ontvangst is allerminst hartelijk. De mannen moeten aan de grens nog uren wachten, omdat geallieerde soldaten belangrijker zijn. Uiteindelijk komt men aan in Nederland en dient men zich voor registratie te melden in Austerlitz of Weert. Na het invullen van een vragenlijst gaat men huiswaarts en komt ook Jérôme Schils op 6 juni 1945 weer thuis, waar hij meteen terechtkomt in een huwelijksfeest.

Dankwoord

Bovenstaand artikel is op sommige plaatsen licht bewerkt en voorzien van enkele foto’s die niet van Carina Schils afkomstig zijn. Met dank aan Carina Schils en haar echtgenoot.